U bent hierHome / Kind of kat

Kind of kat


04 Maart 2016

Zoë Oorda-van Omst

In onze serie “Moeilijke keuzes in het leven van alledag” behandelen we vandaag de kat-kindkeuze. Wij mensen hebben er behoefte aan om voor een levend wezen te zorgen. Dat geeft ons een goed gevoel. Als dat zorgen ook gepaard gaat met lichamelijk contact zal dat hoog scoren op ons welzijnsgehalte. Kind of kat dus, omdat de tijd van zorgen voor deze twee wezens ongeveer hetzelfde is. Voor een kind achttien jaar en voor een kat zestien. Vergelijkbaar dus.

Een voordeel van een kat is dat u hem zelf kunt uitzoeken. Het kittengedrag voorspelt heel redelijk hoe de volwassen kat later gaat worden. Uiterlijk, dominantiegehalte, het gemak in de omgang en het geslacht zijn factoren voor het besluit om tot aanschaf over te gaan. Bij kinderen ligt dat anders. Uzelf bent natuurlijk oogverblindend mooi, u hebt een briljante geest en u bent meer dan gemiddeld sympathiek. Helaas ligt dat bij u partner allemaal een stuk minder en de helft
van de genen komen van hem, dus hoe het kind zal uitvallen is nogal onzeker. Hier citeren wij graag Herman Finkers: ‘We wilden graag een kind, maar niet deze.’ Het idee dat u door opvoeding de negatieve invloeden van de andere genenverstrekker kunt compenseren, is wetenschappelijk nooit aangetoond.
Dan het financiële aspect. Een gemiddeld kind kost de ouders ongeveer een ton. Daar is de kindertoeslag al vanaf getrokken. Het kan dus goedkoper en duurder. Met een stabiel inkomen is een kind te overwegen, maar het blijft prijzig. Een ton is een half huis, een zeer geoutilleerde muziekstudio, tien wereldreizen, een mooie kunstcollectie of zeer veel goede maaltijden in uitstekende restaurants. Als je een kat geen Sheba te eten geeft, maar droge brokjes en water, dan kost een kat je drieduizend euro. In zijn gehele leven. Een raskat is duurder, want die moet constant naar de dierenarts, omdat die beesten meestal genetisch niet deugen en de aanschaf zelf al minimaal vijfhonderd euro is. We moeten overigens niet vergeten dat u regelmatig nieuw meubilair moet aanschaffen als de kat het vertikt alleen zijn nagels te scherpen aan de hiervoor aangeschafte kattenkrabinstallatie. Katten zijn zeer geschikt voor mensen die regelmatig hun huis qua inrichting willen ombouwen. Kleine kinderen hebben ook vaak de neiging het huis te willen verbouwen, maar een niet al te tolerante opvoeding zou dit kunnen tegengaan.
Er zijn natuurlijk ook baten. Die liggen bij kinderen en bij katten vrijwel alleen in het emotionele vlak. Kinderen en katten kunnen heel lief zijn in de kroelsector. Katten vangen gemiddeld meer muizen dan kinderen dat doen. Statistisch. Statistisch zijn mensen zonder kinderen gelukkiger dan die met en kattenbezitters weer gelukkiger dan de huisdierlozen. Maar van statistiek moeten we ons niet teveel aantrekken. U maakt mede de statistiek, maar de statistiek maakt u niet. Als u een kat hebt aangeschaft en die blijkt u niet te bevallen en u bevalt de kat ook niet, dan brengt u hem naar het asiel, want de liefde is niet ontbloeid. Met kinderen ligt dat anders. Door uw hormoonhuishouding en morele ontwikkeling blijft u van een kind houden, ook al is daar geen enkele aanleiding toe. U brengt het niet naar het asiel. Een fatsoenlijk mens houdt de jeugdzorg buiten de deur. En meestal trekt het wel weer bij. Kinderen kunnen veranderen (ze ook: Hormonen) en katten niet. Wij kennen legio gevallen van ouders die eerst een heel gezeglijk kind hadden en die er niet op verdacht waren dat dat kind inenen heel vervelende dingen ging doen zoals aan de drugs gaan en zijn ouders sukkels vinden. Daar moet je tegen kunnen. Dat kan ook weer bijtrekken, maar die jaren waar kinderen zichzelf gaan vormen zonder toezicht van ouders kunnen voor die ouders slopend zijn. Je ziet die mensen per maand verouderen.
Zelfs als u het boek Het geheim van uw kat van John Bradshaw hebt gelezen, het beste boek in de katteninzichtsector, begrijpt u nog steeds niks van dat beest. En dat is geheel wederzijds. We zijn tenslotte van een andere diersoort. Maar het idee dat u uw kind begrijpt, is grotendeels een illusie. Dat het kind u begrijpt, is uitgesloten. Dat is niet erg, als je er maar mee om kunt gaan.
Ik sprak laatst een moeder die op mijn vraag wat het leuke aan kinderen is, antwoordde dat je met je kinderen meegroeit. Dat vond zij spannend, verrijkend, begeesterend. Dat heb je weer niet met katten. Men groeit niet met zijn kat mee.
Over de aaibaarheid van de kat is door R. Kousbroek al voldoende geschreven. Dat gaan we hier niet herhalen. Over de aaibaarheid van kinderen is weinig geschreven en dat heeft een reden: het kind heeft te weinig haar. Daarentegen ligt de knuffelfactor gemiddeld hoog bij kinderen als ze jong zijn en neemt langzamerhand af. Bij katten is hij gewoon laag.
Er is een duidelijk verschil tussen voor iets zorgen en je om iets zorgen maken. We moeten helaas constateren dat dat laatste bij kinderen uitermate hoog aanwezig is. Dat heeft natuurlijk met het verschijnsel verantwoordelijkheid te maken. Dat moet u aankunnen. Er is een verschil tussen een kat die een dood pimpelmeesje mee naar huis neemt en een kind dat regelmatig zijn leeftijdsgenootjes in elkaar timmert.
Als laatste noemen wij nog het idee dat kinderen naderhand voor hun ouders kunnen zorgen. Dat komt wel eens voor, maar kinderen hebben sterk de neiging in een andere stad of land te gaan wonen, een partner te kiezen die niet deugt en weigert om kinderen te nemen. Dat laatste bijvoorbeeld doordat hij vindt dat zijn ouders er een zooitje van gemaakt hebben met hun opvoeding. Een kat zal nooit voor u zorgen en daar zult u ook nooit in teleurgesteld worden.
Diederik Kraaijpoel, de tegendraadse Groningse kunstenaar en publicist, vond dat kunstenaars geen kinderen moesten nemen. Slecht voor de kunst. Hij stelde voor om ter compensatie van tijd tot tijd een kind te lenen. Een idee ter overweging, ook voor niet-kunstenaars.
Globaal kunnen we stellen dat u bij een kind een sterker karakter en meer geld nodig hebt dan bij een kat. Denkt u er nog eens over na.

Zoë Oorda-van Omst is senior researcher bij AG & W Consultancies. Ze schrijft dit artikel op persoonlijke titel. Auteur van Kids, Plague or Enrichment, NoWorld Press, 2012.

 

  1 van 25
Stereotypen ›